Bij een bouwdroger wordt een milieuvriendelijk koelgas door een roterende compressor gecomprimeerd. Het hete koelgas gaat, onder een hoge druk, naar het condensorblok waar het gas gekoeld en gecondenseerd wordt. Via een expansie eenheid wordt het milieuvriendelijke koelgas R407C in het verdamperblok gespoten, waar het verdampt. Hiervoor is warmte nodig die aan de passerende lucht onttrokken wordt. Het koelgas wordt weer door de compressor aangezogen en het proces begint weer van vooraf aan. De vochtige lucht uit de ruimte wordt over de verdamper gezogen, waar het heftig wordt afgekoeld, waardoor het water in de lucht condenseert. Het water wordt via een waterslang aflopend afgevoerd. De koude lucht wordt hierna door het condensorblok weer opgewarmd en als droge en warme lucht weer de ruimte ingeblazen.

Condensdroging is een natuurlijke manier om bouwmaterialen te ontvochtigen. De kans op krimpscheuren en overdroging is
door deze natuurlijke methode, mits goed toegepast, uitgesloten.